TY - BOOK
T1 - GGD-toren Stadhuisplein 2 te Eindhoven : adviesrapport inzake de gevelrenovatie
AU - Pernot, C.E.E.
AU - Neuhaus, E.
AU - Schellen, H.L.
PY - 2007
Y1 - 2007
N2 - Voor de aanstaande renovatie van de GGD toren heeft de Gemeente Eindhoven de Technische Universiteit benaderd om haar van advies te voorzien voor wat betreft de mogelijkheden om het energie-gebruik terug te dringen en het binnenklimaat te verbeteren. De werkzaamheden die hiermee samen-hangen zijn uitgevoerd door de unit Building Physics and Systems van de Faculteit Bouwkunde, in samenwerking met COR PERNOT CONSULTING te Heeze.
De mogelijkheden die het ca. 45 jaar oude gebouw biedt om aan de doelstelling te voldoen zijn verbeteringen van de thermische kwaliteit van de gevel en een herontwerp van de klimaatinstallatie.
Het gebouw is aan de buitenzijde voorzien van Muschelkalkplaten. De mogelijkheid is onderzocht of de 6 cm dikke spouw achter deze beplating kon worden nageïsoleerd door opvulling van de spouw met isolatiemateriaal. Het onderzoek heeft uitgewezen dat condensatie en bijgevolg vochtophoping aan de binnenzijde van de spouw, en dus ook bij de metalen ankers waarmee de Muschelkalkplaten bevestigd zijn, kan optreden. Het risico van versnelde degradatie van de ankers als gevolg van een natte omgeving heeft als gevolg dat wordt geadviseerd om de gevel aan de binnenzijde te voorzien van isolatiemateriaal. Wij stellen voor om aan de binnenzijde van de borstwering, de strook boven het raam en een deel van de vloer dampdichte isolatie aan te brengen (bijv. XPS) met een dikte van 6 cm.
Gezien de leeftijd van de ankers waarmee de Muschelkalkplaten zijn bevestigd en ervaringen uit de praktijk wordt aangeraden om de ankers te laten onderzoeken op mechanische sterkte.
Het transparante deel van de gevel bestaat uit niet thermisch onderbroken aluminium profielen met dubbel blank glas. De hierin aanwezige ramen kunnen niet worden geopend. In de nieuwe situatie worden de profielen vervangen door thermisch geïsoleerde profielen waarin hoog rendementsglas wordt aangebracht (HR++). Bovendien wordt per travee van 4,75 m een te openen raam aangebracht.
Het gebouw is aan de buitenzijde voorzien van een aluminium lamellen zonweringsysteem. In de nieuwe situatie wordt dat vervangen door een gelijksoortig systeem.
Het is noodzakelijk om aan de binnenzijde een luminantiewering te handhaven.
Op centraal niveau is er weinig vernieuwing noodzakelijk aan de klimaatinstallatie, bij eerdere renovaties is hier al aandacht aan gegeven. Op vertrekniveau zijn de daar aanwezige inductie-units aan ver-vanging toe. Hierdoor ontstaat de mogelijkheid om te bezien of een ander klimaatsysteem aange-bracht kan worden.
De keuze kan dan zijn: (i) een gelijksoortig systeem, (ii) een systeem van inductie-units in het plafond (4-pijps systeem) of (iii) een klimaatplafond met een ventilatie systeem, alle systemen met plenumafzuiging via de lichtarmaturen. De systemen (ii) en (iii) sluiten goed aan op de bestaande distributie-infrastructuur van water en lucht in het gebouw. Een toekomstige uitwerking van deze concepten, vooral in budgettair opzicht, moet aangeven welk systeem de beste oplossing biedt.
Het is mogelijk dat op korte termijn het transparante deel van de gevel wordt gerenoveerd samen met de zon- en luminantiewering. In een later stadium, dat kan enkele jaren duren, wordt de klimaatinstal-latie gemoderniseerd.
Het is van belang om in de eerste fase al enkele werkzaamheden uit te voeren die straks bij het vernieuwen van de klimaatinstallatie op vertrekniveau met veel moeite en dus meer kosten moeten worden gerealiseerd. Het betreft hier met name het isoleren van de aansluiting van het aluminium profiel aan de betonnen plaat aan de bovenzijde. Het isoleren aan de binnenzijde van de borstwering en de strook van de buitengevel boven het raam kan dan het beste worden uitgevoerd in combinatie met de vervanging van het klimaatsysteem in de vertrekken.
De eenvoudige terugverdientijd voor de maatregelen die samenhangen met de verbetering van de dichte delen van de buitengevel wordt geschat op 8 jaar, die voor de renovatie van de kozijnen en het glas wordt geschat op meer dan 20 jaar. Bij de terugverdientijd van meer dan 20 jaar dient opgemerkt te worden dat de kozijnen technisch aan vervanging toe zijn. Bovendien is op deze wijze een belangrijke en wenselijke verbetering van het binnenklimaat te realiseren en is een zodanige aanpassing van de klimaatinstallatie mogelijk, dat deze niet meer het bouwkundige falen van de gevel moet compenseren.
AB - Voor de aanstaande renovatie van de GGD toren heeft de Gemeente Eindhoven de Technische Universiteit benaderd om haar van advies te voorzien voor wat betreft de mogelijkheden om het energie-gebruik terug te dringen en het binnenklimaat te verbeteren. De werkzaamheden die hiermee samen-hangen zijn uitgevoerd door de unit Building Physics and Systems van de Faculteit Bouwkunde, in samenwerking met COR PERNOT CONSULTING te Heeze.
De mogelijkheden die het ca. 45 jaar oude gebouw biedt om aan de doelstelling te voldoen zijn verbeteringen van de thermische kwaliteit van de gevel en een herontwerp van de klimaatinstallatie.
Het gebouw is aan de buitenzijde voorzien van Muschelkalkplaten. De mogelijkheid is onderzocht of de 6 cm dikke spouw achter deze beplating kon worden nageïsoleerd door opvulling van de spouw met isolatiemateriaal. Het onderzoek heeft uitgewezen dat condensatie en bijgevolg vochtophoping aan de binnenzijde van de spouw, en dus ook bij de metalen ankers waarmee de Muschelkalkplaten bevestigd zijn, kan optreden. Het risico van versnelde degradatie van de ankers als gevolg van een natte omgeving heeft als gevolg dat wordt geadviseerd om de gevel aan de binnenzijde te voorzien van isolatiemateriaal. Wij stellen voor om aan de binnenzijde van de borstwering, de strook boven het raam en een deel van de vloer dampdichte isolatie aan te brengen (bijv. XPS) met een dikte van 6 cm.
Gezien de leeftijd van de ankers waarmee de Muschelkalkplaten zijn bevestigd en ervaringen uit de praktijk wordt aangeraden om de ankers te laten onderzoeken op mechanische sterkte.
Het transparante deel van de gevel bestaat uit niet thermisch onderbroken aluminium profielen met dubbel blank glas. De hierin aanwezige ramen kunnen niet worden geopend. In de nieuwe situatie worden de profielen vervangen door thermisch geïsoleerde profielen waarin hoog rendementsglas wordt aangebracht (HR++). Bovendien wordt per travee van 4,75 m een te openen raam aangebracht.
Het gebouw is aan de buitenzijde voorzien van een aluminium lamellen zonweringsysteem. In de nieuwe situatie wordt dat vervangen door een gelijksoortig systeem.
Het is noodzakelijk om aan de binnenzijde een luminantiewering te handhaven.
Op centraal niveau is er weinig vernieuwing noodzakelijk aan de klimaatinstallatie, bij eerdere renovaties is hier al aandacht aan gegeven. Op vertrekniveau zijn de daar aanwezige inductie-units aan ver-vanging toe. Hierdoor ontstaat de mogelijkheid om te bezien of een ander klimaatsysteem aange-bracht kan worden.
De keuze kan dan zijn: (i) een gelijksoortig systeem, (ii) een systeem van inductie-units in het plafond (4-pijps systeem) of (iii) een klimaatplafond met een ventilatie systeem, alle systemen met plenumafzuiging via de lichtarmaturen. De systemen (ii) en (iii) sluiten goed aan op de bestaande distributie-infrastructuur van water en lucht in het gebouw. Een toekomstige uitwerking van deze concepten, vooral in budgettair opzicht, moet aangeven welk systeem de beste oplossing biedt.
Het is mogelijk dat op korte termijn het transparante deel van de gevel wordt gerenoveerd samen met de zon- en luminantiewering. In een later stadium, dat kan enkele jaren duren, wordt de klimaatinstal-latie gemoderniseerd.
Het is van belang om in de eerste fase al enkele werkzaamheden uit te voeren die straks bij het vernieuwen van de klimaatinstallatie op vertrekniveau met veel moeite en dus meer kosten moeten worden gerealiseerd. Het betreft hier met name het isoleren van de aansluiting van het aluminium profiel aan de betonnen plaat aan de bovenzijde. Het isoleren aan de binnenzijde van de borstwering en de strook van de buitengevel boven het raam kan dan het beste worden uitgevoerd in combinatie met de vervanging van het klimaatsysteem in de vertrekken.
De eenvoudige terugverdientijd voor de maatregelen die samenhangen met de verbetering van de dichte delen van de buitengevel wordt geschat op 8 jaar, die voor de renovatie van de kozijnen en het glas wordt geschat op meer dan 20 jaar. Bij de terugverdientijd van meer dan 20 jaar dient opgemerkt te worden dat de kozijnen technisch aan vervanging toe zijn. Bovendien is op deze wijze een belangrijke en wenselijke verbetering van het binnenklimaat te realiseren en is een zodanige aanpassing van de klimaatinstallatie mogelijk, dat deze niet meer het bouwkundige falen van de gevel moet compenseren.
M3 - Rapport
T3 - BPS
BT - GGD-toren Stadhuisplein 2 te Eindhoven : adviesrapport inzake de gevelrenovatie
PB - Technische Universiteit Eindhoven
CY - Eindhoven
ER -