Dwarsverbanden in het denken over vrije wil en God

P.M.F. Oomen

Research output: Book/ReportInaugural speechAcademic

70 Downloads (Pure)

Abstract

De rede van Palmyre Oomen vormde de afsluiting van het afscheidssymposium Vrije wil ' van hersenwetenschap tot theologie, dat plaats vond op 19 juni 2013 te Nijmegen. Op dit symposium stond de vraag centraal naar de mogelijkheidsvoorwaarden voor een vrije wil. Door de sprekers werd daarbij ingegaan op de noodzakelijke bijdrage van respectievelijk onze hersenen, onze lichamelijkheid, alsook van het ingebed zijn in een samenleving. Palmyre Oomen gaat in haar rede in op een andere mogelijkheidsvoorwaarde voor een vrije wil, namelijk op het kunnen oordelen over de eigen verlangens en op het referentiepunt dat daartoe vereist is. Sommige denkers situeren dat referentiepunt in de eigen aard van de persoon (Harry Frankfurt), anderen in het Goede (Iris Murdoch, Susan Wolf) of in God (Thomas van Aquino, A.N. Whitehead). Maar maakt het vereiste van zo'n transcendent referentiepunt als het Goede of God de mens niet juist onvrij? Om deze vraag te beantwoorden, onderscheidt Oomen twee fundamenteel verschillende betekenissen van de notie 'vrij' en van de bijbehorende notie 'vrije wil'. Hiervan gebruikmakend onderzoekt ze dwarsverbanden in het denken over vrije wil en God. Ze stuit daarbij op een aantal weerbarstige parallellen, maar exploreert met name de mogelijkheid van een meer inhoudelijk verband aan de hand van de relationele natuurfilosofie van A.N. Whitehead. Ze schetst aldus een beeld waarin menselijke autonomie en vrijheid van willen gezien worden als in wezenlijke relatie staande met God en Gods werkzaamheid en tevens als 'geaard', namelijk als deeluitmakend van de dynamisch en relationeel opgevatte natuur.
Original languageDutch
Place of PublicationNijmegen
PublisherRadboud Universiteit Nijmegen
Number of pages27
ISBN (Print)978-90-821581-0-6
Publication statusPublished - 2013

Bibliographical note

Rede in verkorte vorm uitgesproken te Nijmegen op woensdag 19 juni 2013, bij het afscheid als senior onderzoeker etc.

Cite this