Abstract
Er zijn veel situaties waarin het van belang is om te weten hoe deeltjes zich verspreiden
in onze natuurlijke omgeving. Te denken valt hierbij aan fijnstof of stuifmeel in de lucht,
of aan algen en zand in rivieren, meren en kustgebieden. In het eerste geval zijn de deeltjes
veel zwaarder dan de lucht, dit scheelt gauw een factor 1000, maar in het tweede
geval is de dichtheid van de deeltjes ongeveer gelijk aan die van het omringende water.
Beide typen deeltjes, zware en lichte deeltjes genaamd, worden bestudeerd in dit proefschrift.
Bovendien bestuderen we de verspreiding van zogenaamde vloeistofdeeltjes in
turbulente stromingen. Deze vloeistofdeeltjes hebben geen eigen massa en volume, het
zijn oneindig kleine vloeistofelementjes. De resultaten van deze vloeistofdeeltjes kunnen
als benadering gebruikt worden voor het gedrag van kleine lichte deeltjes, zoals microorganismen
in water.
In dit proefschrift bestuderen we twee soorten stromingen; isotrope turbulentie en stabiel
gestratificeerde turbulentie. Isotrope turbulentie gedraagt zich hetzelfde in alle richtingen,
en dit type stroming kom je bijvoorbeeld tegen in een badkuip, ver van de wanden,
waarin je in alle richtingen heftig roert. In stabiel gestratificeerde turbulentie is een
dichtheidsgradiënt aanwezig; gemiddeld bevindt lichtere vloeistof zich boven zwaardere
vloeistof. Een sterk gestratificeerde stroming vertoont een gelaagde structuur. In het
horizontale vlak bevinden zich grootschalige, wervelachtige structuren, die ook wel worden
aangeduid als pannenkoekachtige structuren. In de verticale richting is er een sterke
wrijving tussen de verschillende lagen (zie figuren 4.4 en 4.5).
Het onderzoek is uitgevoerd door middel van Directe Numerieke Simulaties (DNS). Op
de supercomputers Aster en Huygens bij SARA in Amsterdam zijn de Navier-Stokes vergelijkingen
opgelost, die de stroming van een vloeistof volledig beschrijven. Bovendien
is er een vergelijking toegevoegd aan de numerieke code die de beweging van individuele
deeltjes in een vloeistof beschrijft, de Maxey-Riley vergelijking.
De lichte en zware deeltjes bezitten een zekere mate van traagheid, of inertie. Een maat
voor deze traagheid is het Stokes getal St, waarin onder andere de dichtheid en de diameter
van het deeltje zijn opgenomen en de viscositeit (stroperigheid) van de vloeistof.
Deeltjes met een klein Stokes getal gedragen zich alsof ze vloeistofdeeltjes zijn, en zij
reageren vrijwel instantaan op veranderingen in de vloeistofsnelheid om hen heen. Hoe
groter St, hoe trager een deeltje reageert op deze veranderingen en hoe meer het de neiging
heeft om zijn eigen baan te vervolgen.
De drie belangrijkste onderwerpen die in dit proefschrift besproken worden zijn deeltjesdispersie,
preferentiële concentratie en de krachten die op de deeltjes werken.
Met dispersie zal in het vervolg het gemiddelde kwadraat van de verplaatsing van de deeltjes
ten opzichte van hun beginpositie bedoeld worden. Dit kun je zien als de groei van
een wolk met deeltjes in het geval dat de deeltjes allemaal losgelaten worden op hetzelfde
punt. Voor korte tijden bewegen de deeltjes rechtdoor, hun kwadratische verplaatsing
schaalt daarom met t2 (t is de tijd). Dit regime wordt ook wel ballistisch genoemd. Voor
langere tijden is het dispersiegedrag afhankelijk van zowel het type stroming als van het
type deeltje.
In isotrope turbulentie schaalt het dispersiegedrag voor lange tijden met t, zowel voor
vloeistofdeeltjes als voor lichte en zware deeltjes (zie figuur 3.8). Dit zogenaamde diffusieve
gedrag wordt veroorzaakt doordat de deeltjes na verloop van tijd ongecorreleerd
raken van hun beginpositie, vergelijkbaar met Brownse beweging.
In stabiel gestratificeerde turbulentie is er een duidelijk onderscheid te maken tussen de
dispersie in de horizontale richting en in de verticale richting. In de horizontale richting
zie je voor alle drie de deeltjestypen dat de dispersie groter is dan in isotrope turbulentie.
Ook voor lange tijden schaalt de dispersie nu met t2 (zie figuur 4.12(a)). Deze
toegenomen dispersie is het resultaat van de sterke schuifspanning die aanwezig is tussen
de verschillende lagen in de gestratificeerde turbulente stroming.
In de verticale richting wordt de dispersie van vloeistofdeeltjes onderdrukt door de stratificatie.
Een vloeistofdeeltje dat in verticale richting verplaatst wordt, komt in een omgeving
terecht met een dichtheid die anders is dan zijn eigen dichtheid. Als het deeltje
naar boven gaat bijvoorbeeld is het zwaarder dan de vloeistof om hem heen. Er werkt
dan een kracht op het vloeistofdeeltje waardoor het terugbeweegt naar zijn beginhoogte.
Dit resulteert in een oscillerende beweging rond een evenwichtsniveau. In een grafiek
van de kwadratische verplaatsing als functie van de tijd zie je een plateau optreden, de
dispersie bereikt een constante waarde. Tijdens zijn oscillerende beweging wisselt een
vloeistofdeeltje continu vloeistof uit met vloeistof uit omringende elementjes door middel
van moleculaire diffusie. Daardoor zal de dichtheid van het vloeistofdeeltje in de
loop van tijd enigszins veranderen. Bij deze nieuwe dichtheid hoort ook een nieuwe
evenwichtshoogte en voor lange tijden neemt de dispersie daarom weer toe. Het schalingsgedrag
wordt weer evenredig met t, en de oorzaak hiervan is nu letterlijk diffusief
(zie figuur 4.12(b)).
Wanneer deeltjes massa en volume hebben, zoals in praktische toepassingen, dan zullen
ze minder gevoelig zijn voor de terugwerkende kracht van de vloeistof. Hoe groter de
traagheid van een deeltje, hoe meer het deeltje de neiging heeft om zijn huidige beweging
voort te zetten. De dispersiegrafiek zal daarom veranderen. Met toenemende traagheid
neemt de vorming van het plateau af en neemt de dispersie voor lange tijden toe (zie
figuur 5.5).
| Original language | English |
|---|---|
| Qualification | Doctor of Philosophy |
| Awarding Institution |
|
| Supervisors/Advisors |
|
| Award date | 20 Oct 2008 |
| Place of Publication | Eindhoven |
| Publisher | |
| Print ISBNs | 978-90-386-1354-3 |
| DOIs | |
| Publication status | Published - 2008 |
Fingerprint
Dive into the research topics of 'Dispersion of inertial particles in stratified turbulence'. Together they form a unique fingerprint.Cite this
- APA
- Author
- BIBTEX
- Harvard
- Standard
- RIS
- Vancouver